Mijn Be-Mine is een C-Mine geworden.

Mijn Be mine werd C-Mine Kleine 1161

Ik weet niet of ik ooit iets schreef over dit werk, dat nu tijdelijk in het X-Pand in Beringen hangt. De titel van het werk is “C-mine would be mine “. Het was mijn bedoeling om ter gelegenheid van mijn tentoonstelling in Beringen en ter gelegenheid van het jaarthema “Interieur” van het AIB een werk of werken te maken over de mijn van Beringen. Ik ging er eerst eens kijken en daarna besloot ik het ook echt te gaan doen. Ik vertrok met fototoestel en statief naar het mijnterrein en uit beleefdheid ging ik in het Mijnmuseum toestemming vragen en hen op de hoogte brengen van mijn bedoelingen. Ik sprak een zekere Hans aan en legde hem uit wat ik van plan was. Hola, hola…dat gaat zomaar niet daar moet je toestemming voor hebben. Hij belde naar een persoon en die was toevallig ergens op het terrein en ik zou me tot hem moeten richten. Ik legde mijn bedoelingen nog eens uit en hij dacht diep na en besloot om het op de provincie te gaan vragen. Hij telefoneerde naar de provincie en hij gaf me iemand door. Opnieuw vertelde ik mijn bedoeling en hij vertelde me dat hij daar zelf niet kon over beslissen, maar hij zou me doorverbinden met een zekere Jos. Opnieuw hetzelfde verhaal maar nu moest ik schriftelijk een aanvraag doen met daarin  mijn bedoelingen, de duur van de operatie, het tijdstip en mijn motivatie en dit alles moest ik volgens hem goed onderbouwen en argumenteren. En wanneer weet ik daar iets over…? Dat kan een maand duren. Ik vertelde zeer enthousiast dat ik dit zou doen en vertrok richting C-Mine. Opnieuw vroeg ik toestemming en daar zei men doodleuk “de hele C-Mine ” is ter uwer beschikking zo lang U maar wil! En zo werd mijn Be-mine een C-Mine. En dit alles komt nu terug naar boven als ik zie dat een kunstenares de toestemming heeft gekregen om op het mijnterrein 4 maanden te mogen schilderen. Ze vertelde ook nog dat ze de werken in het cultureel centrum van Beringen zal tentoonstellen, iedereen weet dat dit het Casino is, of weet ik dat ook weer niet? Ik begrijp dit allemaal niet ofwel vroeg ik het steeds aan de verkeerde persoon, ofwel weten de mensen van het cultureel centrum van Beringen niet dat ik ook schilder maar niet met steenkool, ofwel is mijn arm niet lang genoeg ofwel spelen hier andere zaken mee waar ik NIETS van af weet. Feit is dat dit mij wel raakt. Misschien woon ik al te lang in Beringen. Ook een tentoonstelling ter gelegenheid van mijn 75ste verjaardag zal niet doorgaan in het plaatsje waar ik al 48 jaar woon maar in het fantastische Cultuurcentrum van Maasmechelen. Het kan ook zijn dat mijn verhaal over de mijn te simpel was, te gewoon en had ik er ook mijn afkomst, mijn relatie met de mijn en nog veel meer moeten bijhalen. Ze weten waarschijnlijk ook niet dat ik uitsluitend schilder met mijn verfkes. Nog iets anders want voor ik de mijn schilderde ging ik als oefening de kerk van Beringen centrum schilderen en ook daar verliep dit niet vlot. Ik moest niet alleen met de pastoor afrekenen maar en dat was veel, veel lastiger ik moest met de vrouwelijke koster zien overeen te komen en af te spreken en die is baas over de kerk en de pastoor. Tis aol nao de wuppen as ge da maor wet.

Sint Pietersbanden Beringen

Advertenties

Eindelijk……

Masters1OefRusPakMastersPortrait4_nMasters2Masters4Masters3

Ik heb op 2 dagen na een maand moeten wachten op de boeken “Masters of Watercolor” waarin ik een van de 20 Masters ben. Ik zag via het trackingnummer dat het verzonden was maar verder was ik bijna zonder nieuws wel met enkele onrustwekkende emails, waarin ze dreigden het pak terug te zenden. Na lang aandringen en een email van de uitgever is het er plots. Dus eindelijk is het in Koersel toegekomen. Het is erg grondig doorgelicht en herhaaldelijk open gemaakt maar het is er. Oef! Ik vertelde al dat ik op eigen houtje naar Sint Petersburg wilde gaan en dat me dit niet lukte zonder een fortuin uit te geven, herhaaldelijk naar de ambassade gaan, levensverzekering nemen met repatriëring etc. Als alle Belgen die het voetbal ginder wilden volgen dezelfde moeilijkheden zouden hebben gehad dan zouden er praktisch geen geweest zijn. Ook hoe mijn werken daar geraakt zijn was ook niet gewoon. Via Helsinki en dan iemand gezocht met een zeer grote valies om ze volgens mij clandestien binnen te smokkelen. Maar ook die zijn na ginder op tv geweest te zijn en vergeleken met Magritte, veilig en zonder schade terug. En ik heb ze al terug in hun lijst kunnen stoppen. Nie aol is noa de wuppen zoals je ziet.

certifikaatsintpeter

Kracht²

Detail uit Brief aan Theonardo

Ik kom er langzaam aan achter dit ik niet veel kan, en het enige wat ik al jaren kan en ook nog eens graag doe is schilderen en het lot heeft er voor gezord dat ik dat al enkele jaren naar hartenlust kan doen. Wat een luxe en daar put ik de kracht uit om verder te gaan. Want kracht moet je hebben en om kracht  te hebben moet je gezond zijn. En om zonder hulp tegen beter weten in toch bezig te blijven met je “hobby” moet je ook kracht hebben. De kracht put ik uit de fantastische bezigheidstherapie die ik kan beoefenen. Toen ik nog een ongeschoolde jongen was tekende ik al erg veel. De broer van mijn vader waar ik in Aarschot steeds naast zat als hij schilderde moedigde me daarin aan. Ondanks mijn grootmoeders opmerkingen dat ik niet bij haar op verlof was maar bij “Nonkel Hubert” . Nog later ging ik naar “Sint Lucas” en volgde Reklame om mijn vader te plezieren en ook omdat schilderen er nog geen specialiteit was. Toen dat wel zo was had ik mijn diploma van “Publiciteit” al en gaf ik avondles. Dus tijd om me in te schrijven voor “Chevalet schilderen”. Een groot gedeelte van het atelier waren jonge meiden en een enkele jonge man,  de anderen waaronder ik waren vrije leerlingen. Ik deelde het atelier van Vincent met oa André Sprankenis en Jos Jans. Zo rolde ik in het artistiek milieu en nam deel aan wedstrijden doorheen het land. Ik kreeg vermeldingen in Europaprijzen, Jeune Peinture en Prijs van Rome. Mijn werken werden gekocht door de Belgische staat, Vlaamse gemeenschap, Provincie Limburg en vele particulieren. Ik maakte er kennis met de haaien en soms garnalen van de kunst- en galerijwereld. Na enkele van deze kennismakingen besliste ik om op eigen kracht verder te doen. Ook al bleek ik plots geen jong aankomend talent meer te zijn maar iemand van de oude garde. Maar wat bleef was het plezier om iets uit te denken en dit idee dan uit te werken en er een werk over te maken. Dat heb ik steeds blijven doen tot op de dag van vandaag. Ik heb eveneens beslist om zelf niet meer te betalen om mijn werken te mogen tonen. Ik heb de pretentie om te zeggen als je mijn werken wil tentoonstellen doe dan een voorstel en vraag me dan maar regel alles zelf. Ook daar heb je kracht voor nodig. Maar na 60 jaar investeren in deze geweldige hobby moet men daar maar iets tegenover stellen. En ach ja in het land van de blinden en de éénoogigen ben ik de man die altijd zichzelf schildert. Diegene die maar één werk ziet of niet verder kijkt dan zijn neus lang is komt tot deze vaststelling. De aandachtige kijker ziet dat er MEER is. Want ik ben eigenlijk een conceptuele kunstenaar. Tis aol nao de wuppen!

vuistje-b

Tejo Van den Broeck