Toen aquarel nog waterverf was!

 

aquaBeringenpictures3

Ik ben einde jaren tachtig begonnen met aquarelleren. Met een doosje van Winsor & Newton dat ik, jaren daarvoor, van mijn toenmalige, toekomstige en huidige echtgenote Antoinette gekregen had. Het lag hier in mijn atelier, de 1/2 napjes nog in zilverpapier. Toen we naar Elcito (Marche/Italia) vertrokken, een van de eerste keren, nam ik het maar mee alsook een marter penseel van Talens, dat ik nog had van in het Reclame atelier van de heer Rik Rappoort, en enkele blaadjes Steinbach  papier. Op een keer ging de amateur waterverver toch eens iets doen met deze spullen. Ik installeerde me op een bergflank van de Monteperete, juist buiten Elcito. Gezeten op een plooistoeltje met onder de 2 poten enkele grote stenen, om toch horizontaal te kunnen zitten, begon ik te tekenen en te schilderen. Nadat de tekening af was en ik water haalde begon ik te schilderen. Maar wanneer ik goed en wel bezig was schoot een steen onder mijn stoeltje en ik vloog met al mijn hebben en houden de berg af. Ik vond na erg lang zoeken alles terug behalve mijn 1/2 napje Sapgroen en Gele Oker. Maar ik had wel de smaak te pakken en bracht het volgende jaar deze spullen terug mee. Ik vond het een zeer aangename ontspanning en me zo eens als een echte amateur uitleven was erg fijn. Want tijdens het jaar was ik een gewaardeerde acrylartiest met medailles en onderscheidingen in Europese schilderwedstrijden maar ook in Belgische. Na verloop van tijd begon ik ook thuis met aquarel te schilderen. De plaatselijke Italianen leerden me hun beroemd papier kennen en ik begon aan mijn Leonardo Da Vinci ode. En zo kwam het dat men me vroeg om aquarellessen te geven. Dat deed ik tientallen jaren. Maar dat was de tijd vóór de aquarelsponsors. Ik schilderde toen met tekenmateriaal dat ik her en der vond. Er was Winsor & Newton en dan had je dus Steinbach papier en wat Talens penselen en meer dingen van duistere oorsprong. Ik moest alles zelf zoeken en aan schaffen maar de leerlingen ook. En zoals het met de voetballers nu is ben ik ook in een slechte periode daarmee begonnen. Ik hoor nu van collega’s dat ze NIETS meer moeten zelf aanschaffen ze krijgen papier van Fabriano, penselen van Escoda en aquarel van Daniel Smith of van anderen of andere merken die om je diensten vragen.Dagelijks zie ik een of andere Master vertellen dat hij een gift van XYZ heeft ontvangen en dat is dan niet één tubetje van 7 cc of een penseeltje maar een gans pakket met meerdere tubes van 15 cc van iedere kleur en enkele sets penselen in alle maten. Men geeft nu ook lessen in Toskane, Umbrië of de Provence om nog te zwijgen van workshops op cruises of arrangementen in Luxe hotels. Ook daaraan merk je dat de tijden veranderen. Wie nu een beetje een penseel kan hanteren geeft reeds lang lessen en laat zich flink vergoeden. Een aquarelverkopen is echt niet meer noodzakelijk om te overleven want de cursisten verdringen zich onder je penseel opdat je er toch maar iets aan hun gewrocht zou doen. Men is niet meer verlegen om je stijl compleet te copieëren, tot zelfs de handtekening zetten ze in de kleur zoals de Maestro het ook doet. En toch was het fijn zo mensen te begeesteren met je passie. Het grote verschil met nu is dat ik trachtte hen te leren aquarelleren en dat het nu heel dikwijls niet meer is dan een bepaalde techniek aanleren is. Vroeger moest je eerst waarnemen en dan tekenen, zorgvuldig tekenen en dan lessen over tinten en toon- en kleurwaarden etc. Maar het zijn andere tijden.

aquaBeringenpictures1aquaBeringenpictures2

Advertenties

Nieuw schildersgerief aangekocht! Hot stuff for the new watercolourpainters!

Nieuwschildersmat7

Ik ben de laatste tijd nogal veel in contact gekomen met aquarellisten, internationale meesters en ook een aantal Belgische en Nederlandse meesters. Dat is het gevolg van buitenlandse reizen. Ik deed mijn ogen open in Fabriano, Cereto d’Esi en The Ruusstreet in Groedt Roye. Wat ik vaststel is dat ik enorm achterlijk ben geworden,niet meer met mijn tijd mee dus. Ik dacht dat men aquarellen schilderde met degelijke penselen, water en wat waterverfjes maar ik moet men gedacht herzien, want bij het bezig zien van al deze meesters blijkt dat, dat allemaal achterhaald is. Ik loop hopeloos achterop. Ik wist niet wat ik zag als ik ze bezig zag en mijn eerste gedacht was: waar halen ze al die gesofistikeerde wondermiddelen? Ik vroeg raad en een hulpvaardige aquarel-dame is met me meegegaan naar het mekka van de kunstenaarsbenodigdheden en toen we daar waren en ik al deze wondermiddelen zag, ben ik overstag gegaan. Ik kocht al dat geweldige materiaal, want ik wil absoluut top aquarellen maken, en dit is wat me nog ontbrak om nog beter te presteren. Het mocht kosten wat het wilde maar ik moest het hebben. Wat de naam van al deze spullen is weet ik nog niet. Maar ik ga me alleszins bijscholen want ik wil ook modern schilderen. Ik hoorde al links en rechts : schilders zoals jij die vind men alleen nog in Bokrijk. Maar dat zal veranderen en kijk eens wat een mooi, leuk schildergerief ik me aangeschaft heb. Mijn drang naar mooie materialen dwong me tot deze aankopen en voor zoiets mag je op geen frank kijken. Dus binnenkort krijg je de resultaten te zien van de “Nieuwe” Tejo Van den Broeck en het is gedaan met vele, fijne en dure penselen om van de rest nog niet te spreken. Ook gaat het allemaal veel vlugger met deze gesofistikeerde, wel is waar erg dure materialen. Dat begint met de workshop, daar moet je al vlug 1573 € voor neertellen, zonder de reis naar ginder. Maar ik zag het licht en de toekomst is aan de vernieuwers!

 

Kunst: Je kan er alleen van leven als je dood bent!

LegelijstpoppetorenP1040183

It’s only possible to live from art when you’re dead! Een kunstenaar met een opleiding die een erg antieke discipline als het schilderen beoefend is totaal ouderwets en aan zijn lot overgelaten. Cultuur …wat is dat? Tegenwoordig is dat flauweCul. Ja, natuurlijk en dan woon ik ook nog eens in Bokrijk Valley. De laatste keer dat er door een officiële instantie een werk van mij aangekocht is, was in 1985. Op de volgende gelegenheid je werk te tonen aan de Commissie heeft Jan Hoet me verteld wat ik zou moeten schilderen en hoe. Ik was de laatste artiest die voor de aankoopcommissie mocht komen en het geld was al aan deuren en vensters buiten gesmeten. Artiesten die geen werk hadden suggereerde men zelfs om hun atelier te verbouwen. Toen ik als laatste van het alfabet aan de beurt kwam was het geld op en de belangstelling was er alleen nog van Jan Hoet, uit beleefdheid vermoed ik, de anderen onder leiding van Patrick Dewael hadden nog alleen interesse in Waar men Wat ging eten. Dit was mijn laatste kennismaking met onze Cultuur. Ik ben lang een beloftevolle artiest geweest en dan plots van vandaag op morgen een afgeschreven oude artiest van de oude stempel.

Nu klaagt men in alle toonaarden, maar zowel onze “Kwaliteitskranten” als al de media besteden het ganse jaar door totaal GEEN aandacht aan Cultuur en werken dus mede aan dit gebeuren.  Nu we met een kluitje, nee zelfs zonder, in het riet gestuurd zijn is het kot te klein. Alleen voor Z33 en onze kippenkweker en wat design is er nog wat over en al de rest is nog te min voor Bokrijk. Je mag aan al deze dingen niet denken en niet op doordenken. Ik schilder en dat is toch fijn, hoor! Ik ben er eentje van de oude soort, een opleiding gehad, van kindsbeen met kleurtjes bezig en nog steeds een passie. Ik schilder enekel weken en zelfs maanden aan een werk. Ik besteeds veel aandacht aan de voorbereiding en documentatie. Eenmaal ik het beeld in mijn hoofd heb en er een schets met compositie van heb kan ik het beginnen uitvoeren. Dit is soms hard werken want mijn ontwerper/bedenker gaat geen moeilijke onderwerpen uit de weg, maar ik moet het wel schilderen op zo een manier dat zijn bedoelingen gelezen kunnen worden. Zo ben ik met ieder werk enkele maanden bezig. Als het dan klaar is,  zit er ondertussen al een nieuw idee klaar om uitgewerkt te worden. En dan vraagt me soms een nuchtere persoon “Verkoopt dat ook?” en dan kan ik met veel plezier melden dat me dat geen fluit kan schelen want ik ben zoveel uren in de hemel geweest, van de aarde geweest en dat is het mooiste wat er is. Dit plezier kan niemand me afnemen. En als dan iemand iets mocht willen kopen is dat geweldig fijn en is dat niet het geval dan is dat ook fijn. Maar belangstelling uit het buitenland van gerespecteerde kunstenaars, van kenners en in kunsttijdschriften is ook geweldig. Want waar ik ook kom men kent mijn werk en heeft er waardering voor. Al de rest is flauweCul!-2  Tejo Van den Broeck